• Ouderen
  • Preventie
  • Institutioneel kader

Ouderen: verder kijken dan de keuze tussen thuis wonen en in een woonzorgcentrum

In 2025 schommelde de bezettingsgraad van de woonzorgcentra in Brussel, afhankelijk van de gemeente, tussen 85 en 90%.  Daarmee heeft de sector zich hersteld van de terugval tijdens de COVID-crisis, toen de bezettingsgraad daalde tot 75 à 80%. Dat cijfer zegt echter weinig over het welzijn van de bewoners of over het tekort aan oplossingen voor ouderen die zo lang mogelijk thuis willen blijven wonen.

Afbeelding
wee oudere personen delen een gezellig moment, van wie één in een rolstoel zit, als illustratie van het welzijn en de autonomie van ouderen.

Een zorgaanbod dat meegroeit met de noden 

De begeleiding van ouderen in Brussel is vandaag nog te sterk georganiseerd rond twee assen: thuis wonen of verhuizen naar een woonzorgcentrum. Het zorgaanbod evolueert onvoldoende mee met om de veranderende behoeften van ouderen. Nochtans wil de meerderheid zo lang mogelijk thuis blijven wonen en is de ondersteuning hiervoor vaak ontoereikend.

Er zouden meer alternatieve oplossingen ontwikkeld kunnen worden, zoals groepswoningen of intergenerationele woonvormen, tijdelijke opvang of herstelcentra.  Dergelijke initiatieven kunnen een geleidelijke overgang mogelijk maken tussen ziekenhuis, de eigen woning en, indien nodig, het woonzorgcentrum. Sommige van die alternatieven bestaan vandaag al, maar zijn afhankelijk van facultatieve - en dus niet-structurele - subsidies.

Meer aandacht voor mentale gezondheid in woonzorgcentra

Sinds de gezondheidscrisis zijn verschillende hervormingen doorgevoerd om woonzorgcentra te transformeren naar een meer open leefomgeving waarin de autonomie van de bewoners centraal staat. Toch blijft structurele psychosociale begeleiding ontoereikend. Niet door een gebrek aan inzet van het personeel, maar door een tekort aan middelen en personeel. Er bestaan ondersteunende oplossingen, zoals mobiele psychosociale teams die woonzorgcentra bezoeken. Die initiatieven blijven echter versnipperd, zijn weinig bekend en beschikken niet altijd over een duurzaam financieringskader. De uitdaging bestaat erin deze beter bekend te maken, te coördineren en meer te ondersteunen, om hun activiteiten uit te breiden naar alle woonzorgcentra. Ook de Hoge Gezondheidsraad wijst op de noodzaak om meer aandacht te besteden aan de geestelijke gezondheidszorg in woonzorgcentra. Een versterking van die ondersteuning kan bovendien bijdragen tot een daling van het gebruik van antidepressiva, dat in Brussel bijzonder hoog ligt.

Ook thuis spelen lokale hulpnetwerken een belangrijke rol in de strijd tegen sociaal isolement. Hun werking blijft echter kwetsbaar zolang een structureel regelgevend kader ontbreekt.

Aanbevelingen van de Onafhankelijke Ziekenfondsen

De Onafhankelijke Ziekenfondsen formuleren vier aanbevelingen om het zorgaanbod voor ouderen verder te versterken:

  • Hervorm de thuiszorg zodat binnen eenzelfde regio een meer uniforme aanpak ontstaat (meer info), en geef daarbij voorrang aan mensen die hun autonomie verliezen; 
  • Ontwikkel flexibele oplossingen voor de overgang tussen thuis en het woonzorgcentrum, afgestemd op de evolutie van de zorg- en ondersteuningsnoden, binnen een duidelijk wettelijk kader dat kwaliteit garandeert; 
  • Veranker psychosociale ondersteuning structureel in woonzorgcentra en bouw daarbij verder op bestaande samenwerkingsverbanden, zoals eerstelijnspsychologen en mobiele teams geestelijke gezondheidszorg.
  • Geef lokale hulpnetwerken, die vandaag afhankelijk zijn van facultatieve subsidies, een structureel wettelijk kader zodat hun werking duurzaam kan worden uitgebouwd en de kwaliteit ervan gewaarborgd blijft.

Kernboodschappen

  • De ondersteuning van ouderen is nog te vaak georganiseerd rond een keuze tussen thuis wonen of in een woonzorgcentrum, er zijn onvoldoende overgangsoplossingen. 
  • Alternatieve woonvormen zoals groepswonen en intergenerationele huisvesting bestaan wel, maar blijven beperkt door een gebrek aan structurele financiering. 
  • Psychologische begeleiding in woonzorgcentra is nog onvoldoende uitgebouwd en het potentieel om het in gebruik van medicatie te verminderen.
  • Lokale hulpnetwerken bieden thuis een waardevolle psychosociale ondersteuning, maar hebben nood aan een duurzaam en duidelijk regelgevend kader.