• Institutioneel kader

Budgettaire krapte in de Vlaamse zorg maakt hervormen niet minder noodzakelijk, maar juist urgenter

De Vlaamse begroting voor Welzijn, Volksgezondheid en Gezin staat onder druk. De komende jaren mogen niet alleen jaren van budgettaire beheersing worden. Het moeten vooral jaren van hervorming zijn. Met of zonder extra budgettaire ruimte.

Afbeelding

 Een begroting die ontspoort, moet op orde worden gezet. Dat dit ook implicaties heeft voor de zorg, is onvermijdelijk. Maar we moeten ons er goed van bewust zijn dat dit gebeurt op een moment waarop de zorgnoden toenemen, wachtlijsten aanzwellen en steeds meer zorgsectoren kampen met personeelstekorten. 

We zijn op een punt gekomen waarop heel tastbaar wordt dat we het vooral anders moeten doen. De vraag is niet meer óf we moeten hervormen, maar hoe.

Xavier Brenez, directeur-generaal van de Onafhankelijke Ziekenfondsen


De ambities voor de gezondheidszorg in Vlaanderen moeten onverminderd overeind blijven. Mensen moeten langer in goede gezondheid kunnen leven, de levenskwaliteit van mensen met een chronische zorgnood moet omhoog, mensen met een handicap moeten perspectief krijgen, mantelzorgers moeten ontlast worden, en de huisartsenpraktijk moet ten volle haar rol als hoeksteen van de toegankelijke zorg kunnen opnemen. Ook geïntegreerde zorg moet eindelijk meer worden dan een belofte, met zorgverleners en welzijnswerkers die mét elkaar in plaats van naast elkaar kunnen werken.

De huidige budgettaire context maakt de uitdaging er niet minder op. Maar hervormen betekent niet noodzakelijk meer middelen, meer zorg en meer personeel. Het betekent vooral anders organiseren, vroeger ingrijpen, beter samenwerken en ervoor zorgen dat mensen de juiste zorg op het juiste moment krijgen. 

Dat neemt niet weg dat middelen ertoe doen. Een begroting zegt iets over de prioriteiten die we als samenleving stellen. Daarom doen enkele keuzes in de Vlaamse begroting voor Welzijn, Volksgezondheid en Gezin de wenkbrauwen fronsen.

Er wordt 5 miljoen euro bespaard op preventie

Besparen op preventie valt moeilijk te rijmen met de ambitie om mensen langer in goede gezondheid te laten leven en zo vermijdbare zorgnoden te voorkomen. Bovendien zijn de middelen die in Vlaanderen naar preventie gaan vandaag al beperkt wat maakt dat elke besparing hierop ook extra gevoeld wordt. Wie de zorg van morgen betaalbaar en toegankelijk wil houden, moet vandaag net sterker inzetten op preventie. 

Het groeipad voor de gezinszorg wordt afgeremd

We willen dat ouderen langer kwaliteitsvol in hun vertrouwde omgeving kunnen blijven wonen en dat een opname in een woonzorgcentrum, waar mogelijk, kan worden uitgesteld of vermeden. Dat kan alleen als er thuis voldoende ondersteuning beschikbaar is. Tegelijk wordt binnen de hervorming van het beleid voor personen met een handicap meer gekeken naar ondersteuning vanuit reguliere diensten, waaronder gezinszorg. Als we meer verwachten van de thuisomgeving en van reguliere zorg, dan moet de nodige capaciteit daar ook kunnen volgen.

Onduidelijkheid over het zorgbudget ouderen blijft bestaan

Eerder dit jaar werd voor de inschaling overgeschakeld naar het BelRai instrument. Voor een belangrijke groep ouderen die al een zorgbudget ontvingen, is een herinschaling bij een toegenomen zorgnood voorlopig niet mogelijk. Daardoor kan hun zorgbudget achterblijven op hun werkelijke zorgzwaarte. Een gelijke financiering voor een gelijke zorgnood moet dringend hersteld worden. 

De komende weken zullen de budgettaire keuzes verder worden geconcretiseerd. 

De Onafhankelijke Ziekenfondsen roepen de overheid op om daarbij het gesprek aan te gaan en voldoende draagvlak te zoeken. Want budget is één ding. De keuzes die we met dat budget maken, dat is uiteindelijk waar het om draait.

Xavier Brenez