Transcriptie podcast: : de vroedvrouw
In het kader van toegankelijkheid voor iedereen bieden wij hier de volledige transcriptie van deze aflevering aan. Je kan deze lezen in plaats van, of als aanvulling op, het beluisteren van de audio.
In het kader van toegankelijkheid voor iedereen bieden wij hier de volledige transcriptie van deze aflevering aan. Je kan deze lezen in plaats van, of als aanvulling op, het beluisteren van de audio.
Beluister hier deze aflevering
Hieronder vind je de integrale tekst:
[Muzikale introductie]
PIET: Welkom bij Gezond Gezegd, de podcast van de Onafhankelijke Ziekenfondsen. Vandaag hebben we het over een zorgverlener die bij veel mensen een bijzondere periode markeert: de vroedvrouw. Mijn gast werkt al vijftien jaar als vroedvrouw, eerst in ziekenhuizen, en ze heeft ook een aantal thuisbevallingen meegemaakt. Ze kent het vak van binnenuit. Valerie Wijckmans is mijn gast. Dag Valerie.
VALERIE: Goeiemorgen! Fijn om hier te zijn.
PIET: Laten we beginnen met de vraag die bij iedereen wel op de lippen ligt. Mensen stellen wel eens de vraag: moet je eigenlijk van baby's houden om een goede vroedvrouw te zijn?
VALERIE: Nee, niet per se. Meer van de mama's dan van de baby's. De reden waarom ik voor het vak gekozen heb, is dat de kracht van de vrouwen mij ongelooflijk boeit. Als je bij een bevalling bent, gebeurt er iets dat ik eigenlijk alleen maar fascinerend kan noemen. We zijn er echt voor de opvolging van de vrouwen, en bij uitbreiding het gezin. De baby speelt daarin natuurlijk een belangrijke rol, maar die komt uiteraard pas later in beeld.
PIET: Men spreekt altijd van een fantastisch beroep, maar het heeft ook een zware, donkere kant.
VALERIE: Spijtig genoeg wel. Er zijn ook zaken die niet zo vlot of niet oké lopen. Wanneer een mama haar baby verliest, grijpt dat je aan en draag je dat mee. Maar je kiest ervoor om vroedvrouw te worden om er te zijn voor de mensen. En er zijn betekent ook er zijn op momenten dat het moeilijker loopt. Ook dan zijn die intensieve begeleidingen soms echt een meerwaarde voor het gezin.
PIET: Gelukkig. Mooi. Laten we even stilstaan bij een belangrijk cijfer. In 2024 werden er 108.000 baby's geboren. Hoeveel vroedvrouwen zijn er actief in België?
VALERIE: Volgens de laatste cijfers zijn er ongeveer 8.000 vroedvrouwen actief in de Belgische gezondheidszorg. Twee derde daarvan werkt in Vlaanderen, een derde in de Franse Gemeenschap. Het merendeel van onze vroedvrouwen is in ziekenhuizen tewerkgesteld, maar het zelfstandige aanbod groeit gelukkig van jaar tot jaar.
PIET: Hoe is de rol van de vroedvrouw door de verschillende decennia geëvolueerd?
VALERIE: Vroedvrouw is een heel oud beroep. Vroeger was het een traditioneel beroep, dat als het ware van moeder op dochter werd doorgegeven. Nu hebben we een enorme professionalisering gekend. We hebben ondertussen een eigen wettelijk kader, en het beroep heeft zich verder uitgebreid. Je vindt ons niet meer alleen in de verloskundige zorg. Vandaag werken er ook veel vroedvrouwen in de neonatologie, in fertiliteitstrajecten, in centra na seksueel geweld en in de gynaecologie. Het beroepsveld van de vroedvrouw is de laatste jaren zeer uitgebreid. Ook maatschappelijk zijn er veel veranderingen geweest. We begeleiden niet alleen traditionele gezinnen, maar ook eenoudergezinnen, kinderen na adoptie en kinderen die in pleegzorg terechtkomen. De maatschappij verandert en ons beroep verandert mee. Het is ontzettend divers; je moet je telkens opnieuw aanpassen.
PIET: Je rol begint dus al voor de zwangerschap en loopt door tot heel lang na de bevalling. Hoe pak je die begeleiding concreet aan?
VALERIE: Klopt. We hebben eigenlijk twee grote luiken. Eerst en vooral het verloskundige luik, waar we vooral de medische parameters opvolgen. Bij een zwangerschap kunnen dat de bloeddruk en het gewicht van de moeder zijn, maar ook de harttoontjes en de groei van de baby. Na de bevalling volgen we uiteraard het gewicht van de baby op, en ook de parameters bij de mama blijven we verder opvolgen. Dat eerste, medische luik doen we voornamelijk gestoeld op de wetenschappelijke richtlijnen en in overleg. Maar er is ook nog een heel belangrijk tweede luik, en dat is alles rond de psychosociale gezondheid. Hoe het echt met iemand of met een gezin gaat, is minstens even belangrijk als die medische parameters. Ook daar speelt de vroedvrouw een heel belangrijke rol. Ze komt namelijk echt bij die gezinnen thuis om te kijken hoe het gaat, en gaat op zoek naar manieren om te ondersteunen en door te verwijzen wanneer dat nodig is.
PIET: Jullie detecteren ook psychosociale problemen, en dat in wisselende omstandigheden. Hoe moet ik dat zien?
VALERIE: De rol van de vroedvrouw is ook heel belangrijk bij dat psychosociale welzijn. Dat kan gaan van babyblues die te verhelpen is, tot zwaardere psychosociale problemen: postpartumdepressie en andere psychologische problemen. De vroedvrouw probeert vooral te detecteren waar de problemen zitten, in gesprek te gaan en door te verwijzen wanneer dat nodig is. Als vroedvrouw zijn we op dat moment als het ware zowel vertrouwenspersoon als poortwachter.
PIET: Vrouwen verlaten het ziekenhuis al heel vroeg, soms na één of twee dagen?
VALERIE: Klopt, ja.
PIET: Wat gebeurt er dan? Hoe komen jullie in beeld?
VALERIE: Dat is een verandering die we vooral de laatste tien jaar zien, sinds het verkorte ziekenhuisverblijf na een bevalling. Dat heeft toch wel het een en ander veranderd. We zien een shift van zorg naar de eerste lijn, naar de vroedvrouw die thuis werkt en bij de gezinnen thuiskomt. Net omdat dat ziekenhuisverblijf zo kort geworden is. Je krijgt ongelooflijk veel informatie in de eerste dagen na de bevalling, en na twee dagen in het ziekenhuis is het heel moeilijk om dat allemaal op te nemen. Daarom is de rol van de vroedvrouw thuis steeds belangrijker geworden, om die opvolging thuis verder te garanderen.
PIET: Borstvoeding is typisch iets dat een heel sterke begeleiding nodig heeft, ook thuis.
VALERIE: Dat klopt, Piet. Borstvoeding is een heel natuurlijk proces. Toch is het niet altijd gemakkelijk om borstvoeding op te starten en om ze verder te zetten zolang dat nodig is voor het kind en de moeder. Ook daar zien we de rol van de vroedvrouw sterk naar boven komen. Mensen vergeten soms hoe belangrijk die eerste dagen na de bevalling zijn. Dat is eigenlijk het sleutelmoment om de borstvoeding opgestart te krijgen, en daar zullen mama en kind de vruchten van plukken tot de laatste druppel borstvoeding. Op dat moment is de hulp van de vroedvrouw van ongelooflijk belang: iemand die ondersteunt, die eens meekijkt, die de vragen kan beantwoorden en die vooral ook het zelfvertrouwen van de mama in kwestie kan versterken.
PIET: Helan, het onafhankelijk ziekenfonds, zet heel sterk in op de eerste duizend dagen en geeft advies. Voel je dat het in de praktijk en op het terrein al werkt?
VALERIE: Ja, absoluut. Zowel de inzet van lactatiekundigen als de laagdrempelige informatie op allerlei manieren, maar ook de inzet van kraamhulp. Dat gezinnen thuis ondersteund worden, maakt echt een wereld van verschil. Niet alle gezinnen zijn sociaal of financieel even daadkrachtig. En wanneer er dan een ziekenfonds is dat heel laagdrempelig aanwezig is en ondersteunt, maakt dat echt een wereld van verschil voor die gezinnen.
PIET: Preventie is uiteraard een heel belangrijke taak van het ziekenfonds, maar het is ook een enorm groot deel van jouw takenpakket.
VALERIE: Absoluut. Als ik een inschatting moet maken, bestaat ongeveer 80% van het werk van de vroedvrouw uit preventie. Enerzijds is er preventie in het kader van arbeid en bevalling en de voorbereiding op de bevalling, maar preventie gaat veel breder dan dat. We begeleiden koppels bij rookstop, gezond eten, een gezonde levensstijl en bewegen. Ook seksuele gezondheid maakt daar deel van uit. Wat we vaak onderschatten, is dat we op die manier verschillende generaties kunnen bereiken. Een zwangerschap is echt een sleutelmoment om iemand te overtuigen van een gezondere levensstijl of om aanpassingen te doen. Wanneer je op dat moment iemand overtuigt om iets aan te passen, hoe klein of groot ook, dan zien we daar het effect van, generatie na generatie. En dat is het mooie aan het beroep van vroedvrouw: je krijgt de kans om op die sleutelmomenten heel aanwezig te zijn bij de gezinnen en zo generaties positief te beïnvloeden.
PIET: Als vroedvrouw werk je nooit alleen. Je werkt ook samen met gynaecologen en huisartsen. Hoe verloopt die samenwerking?
VALERIE: Absoluut, en met nog veel meer zorgverleners dan die je opsomde. De samenwerking met gynaecologen is van essentieel belang. Zij zijn onze partners om samen de zwangerschappen en de bevallingen op te volgen. Maar ook met huisartsen, kinesisten en soms zelfs logopedisten en psychologen werken we vaak samen. Het aanbod is heel divers, en goed samenwerken is heel belangrijk: een goed multidisciplinair dossier, om zo de gezinnen te omringen met de hulp die ze nodig hebben. Wij zijn ervan overtuigd dat we dat alleen kunnen door samen te werken en in overleg te gaan.
PIET: Zijn er bepaalde samenwerkingsprotocollen in de regio's?
VALERIE: In sommige regio's zien we dat heel goed lopen, in andere is er nog wat meer werk aan de winkel. Onlangs hoorde ik een voorbeeld van een gynaecoloog die vertelde over een heel nauwe samenwerking met een vroedvrouwenpraktijk. Met hele kleine aanpassingen maakte ze een wereld van verschil in de opvolging. Wat me daarbij is bijgebleven: ze besprak met de koppels op voorhand wie hen opbelt op het moment dat er iets uit de NIPT-resultaten komt waarover we in gesprek moeten gaan. Het is nog steeds de gynaecoloog die het gesprek aangaat wanneer er iets mis is, maar er wordt op voorhand gevraagd: wie bel je graag over de resultaten, goed of slecht? Zo valoriseer je die vertrouwensband en noteer je die. Ik was daar echt positief van onder de indruk.
PIET: Mooi. De vroedvrouw wordt nu ook meer en meer erkend op beleidsniveau, en er is ook een politieke erkenning. Kun je daar iets meer over vertellen?
VALERIE: Eerst en vooral hadden we het interfederale traject rond de eerste duizend levensdagen. Dat traject zet voornamelijk in op screening, op psychosociale gezondheid en welzijn, en op zorgcoördinatie. We hebben ondertussen ook de Born in Belgium-tool, die onze zorgverleners heel erg ondersteunt bij die screening, maar ook bij de doorverwijzing en opvolging van onze patiënten. Dat was zeker een eerste positieve stap in de goede richting. We hebben nu ook het nieuwe traject rond laagrisicozwangerschappen, waar we hard aan werken. We hopen dat de vroedvrouw erkend wordt als eerste aanspreekpunt bij laagrisicozwangerschappen. Dat is wat we eigenlijk al lang doen, maar die erkenning is de eerste stap, en we evolueren in de goede richting.
PIET: In de goede richting, ja, duidelijk. Wat is nu eigenlijk het mooiste aan je job?
VALERIE: Het mooiste? Dan denk ik toch aan het feit dat ik daar mag zijn op die heel cruciale momenten. Er gebeurt echt iets magisch op het moment van een bevalling, en daar mogen zijn ervaar ik echt als een eer. Getuige mogen zijn van de kracht van die vrouw op het moment dat een kind geboren wordt, vind ik absoluut het allermooiste.
PIET: Dat geeft een ontzettende voldoening, zeker?
VALERIE: Absoluut.
PIET: En wat is dan het uitdagendste?
VALERIE: Het meest uitdagende zal toch wel de werkdruk zijn, die soms hoog ligt. En ook de verloning, die niet altijd in verhouding staat tot de verantwoordelijkheden die de vroedvrouw opneemt. Vroedvrouw is een job die je echt meeneemt, die niet in je koude kleren kruipt, zoals we zeggen. Daardoor moet je ook echt goed voor jezelf zorgen.
PIET: Waar zie je jezelf staan binnen vijf jaar als vroedvrouw?
VALERIE: Wat voor mij echt een erkenning zou zijn, is dat we binnen vijf jaar het zorgpad voor laag risico hebben uitgewerkt en dat de vroedvrouw erkend wordt als eerste aanspreekpunt bij laagrisicozwangerschappen. Gestoeld op een sterke samenwerking met alle partners in de gezondheidszorg, met een eerlijke en faire verloning en op een goed samenwerkingsprotocol.
PIET: Zeer mooi perspectief. Binnen vijf jaar, hopelijk haalbaar.
VALERIE: Haalbaar, ja.
PIET: Tot slot: welke boodschap wil je nog meegeven aan jonge ouders?
VALERIE: Voor jonge ouders? Ik denk dat het belangrijkste is: vertrouw vooral op jezelf. Geloof in jezelf en in je eigen instinct. Ouderschap is niet perfect, en dat hoeft ook niet. Hulp vragen is echt oké, dat is geen zonde; we zijn er allemaal doorheen geploeterd. Maar vertrouw vooral op je instinct, op je gevoel. Geloof in jezelf. Ik geloof alvast in de kracht van ouders.
PIET: Mooi, Valerie, dank je wel voor dit gesprek. Je hebt zo mooi laten zien wat het beroep van vroedvrouw allemaal inhoudt, met heel wat mooie anekdotes. Een mooi verhaal verteld. Dank je wel!
VALERIE: Dank je wel voor de uitnodiging! En voor toekomstige ouders wens ik nog heel veel succes.
PIET: Je luisterde naar Gezond Gezegd, de podcast van de Onafhankelijke Ziekenfondsen. Meer weten? Ga naar onze website mloz.be, maar bezoek ook Helan.be. Je vindt er heel veel informatie over zwangerschap en bevalling, en over de duizend dagen van kinderen. Abonneer je op de podcastreeks, en ik zou zeggen: hou jullie goed en tot de volgende keer!