Door onze hele culturele, sociale en ideologische voorgeschiedenis hebben we vaak een vervormd beeld van de wereld. Maar naast de verschillen die ons kenmerken, hebben we allemaal de neiging om de zaken te bekijken vanuit het ‘gemiddelde’. Gemiddeld zijn de Belgen gelukkig, in goede gezondheid, welvarend, geschoold, … Maar ze zijn daarom nog lang niet allemaal gelijk. Sommigen zijn in elk geval gelijker dan anderen!

Hoewel wij een van ’s werelds meest egalitaire maatschappijen hebben, kampt ook ons land met deze ongelijkheden, ondanks de corrigerende maatregelen van ons sociale vangnet. Alle onderzoeken tonen aan dat ongelijkheid heerst voor alle gezondheidsaspecten: de gezondheidstoestand, levensstijl, toegang tot verzorging, deelname aan preventieprogramma’s, gezondheidswijsheid en meer algemeen de blootstelling aan gezondheidsbepalende factoren. Al deze elementen hangen nauw samen met het opleidingsniveau en de inkomsten. Zelfs in een  behoorlijk egalitaire maatschappij zoals de onze, zijn de verschillen frappant als we de meest bevoorrechte groep vergelijken met de meest kansarme groep. Niet minder dan 7,5 jaar levensverwachting scheidt deze twee populaties. Een verschil dat zelfs oploopt op tot 18 jaar als we alleen naar de gezonde levensjaren kijken! Het is dan ook geen verrassing dat 19% van de meest kansarme groep medische verzorging uitstelt om financiële redenen, tegenover 3% bij de andere groep. De OESO toonde in een vergelijkende studie* wel aan dat de ongelijke toegang tot verzorging in België niet zozeer geldt voor de eerste lijn, maar wel voor de gespecialiseerde verzorging, tandzorg en preventieve verzorging. Stof tot nadenken dus voor diegenen die er in bepaalde politieke of ziekenfondskringen op hameren dat uitgerekend de eerstelijnszorg gratis zou moeten zijn …

Dit toont nogmaals aan dat we voorzichtig moeten zijn en niet meteen naar de makkelijkste oplossing mogen grijpen. De ongelijkheden reiken veel verder dan de terugbetaling van geneeskundige verzorging. Uit een analyse van de tandverzorging bij jongeren onder de 18 jaar (voor wie die nochtans gratis is), blijkt dat er nood is aan andere instrumenten en beleidslijnen. Preventie, opleiding en vulgarisering worden stiefmoederlijk behandeld in ons verbrokkelde institutionele systeem. Een betere coördinatie van de beleidslijnen rond prioritaire gezondheidsdoelstellingen, zou actiever bijdragen tot het dichten van de sociale kloof. Een absolute noodzaak die, zoals talrijke economen aantonen, bijdraagt tot de welvaart van een natie, voorbij alle morele overwegingen.

Xavier Brenez, Directeur-generaal van de Landsbond van de Onafhankelijke Ziekenfondsen

Edito in Health Forum van september 2017 

* Inequalities in Healthcare services utilisation in OECD countries, Marion Devaux, 2014